Site pictogram Ilumen

Waarom 2019 de geschiedenisboeken ingaat als ‘memorabel’ jaar voor de Vlaamse zonne-energiemarkt

digitale meter

Wie terugblikt op het kalenderjaar 2019 kan voor de Vlaamse zonne-energiemarkt maar één conclusie trekken: het was een memorabel jaar.  Niet alleen werd in Lommel het grootste zonnepark van België opgeleverd met een omvang van 99,5 megawattpiek, maar werd door de Vlaamse regering ook een besluit genomen over het behoud van de voordelen van de terugdraaiende teller voor eigenaren van zonnepanelen.

“De besluitvorming omtrent de terugdraaiende teller – en zijn opvolger de digitale meter – heeft dit jaar voor veel commotie gezorgd, maar de orderboeken van de installateurs zitten goed vol”, weet Bram Claeys, directeur van sectororganisatie ODE/PV Vlaanderen. “En daar kunnen 2 redenen voor zijn”, vult PV-beleidsmedewerker Jozefien Vanbecelaere aan. “Ofwel consumenten maken zich geen zorgen en blijven gewoon zonnepanelen kopen, ofwel consumenten nemen het zekere voor het onzekere en willen nog snel zonnepanelen kopen voor de deadline van 31 december 2020.”

15 jaar rendement behouden

Een kort resumé: Vlaanderen bereikte afgelopen voorjaar een akkoord over de invoering van de digitale meter bij eigenaren van zonnepanelen. PV-eigenaren mogen 15 jaar lang het rendement behouden van de huidige, terugdraaiende teller. De zonnepeeleigenaren krijgen bij de ingebruikname van de digitale meter namelijk de kans om te kiezen voor het bestaande systeem met terugdraaiende teller of het nieuwe systeem van de Vlaamse energieregulator VREG, dat enkel rekening houdt met de stroom die van het elektriciteitsnet wordt gehaald.

Bij het nieuwe systeem van VREG worden nettarieven in rekening gebracht voor stroom die mensen eff ectief van het elektriciteitsnet afnemen. Op de andere onderdelen van de energiefactuur geldt wel nog steeds het principe van de terugdraaiende teller. Dit is voordeliger voor prosumenten die overdag meer thuis zijn en hun opgewekte zonne-energie dan ook meteen verbruiken. Daarnaast maakt Vlaanderen vanaf 2021 een ’terugleververgoeding’ mogelijk: prosumenten die het teveel aan opgewekte stroom op het distributienet zetten, zullen daarvoor een vergoeding kunnen krijgen. Wie vandaag de dag al zonnepanelen heeft en dus 15 jaar recht heeft op het voordeel van een terugdraaiende teller, kan op elk moment overschakelen naar deze nieuwe terugleververgoeding.

Bezwaar bij Grondwettelijk hof

Enkele maanden na het akkoord meldde de VREG naar het Grondwettelijk Hof te stappen om bezwaar te maken tegen het feit dat eigenaren van zonnepanelen nog 15 jaar het voordeel van de terugdraaiende teller kunnen behouden. En dat brengt onzekerheid… Toch vreest Claeys vooralsnog niet voor een negatief effect van deze stap van de VREG.

“De residentiële PV-markt is robuust genoeg om eventuele schokken te kunnen overleven. Zelfs al zou een deel van het financiële rendement verloren gaan, dan is de prijsontwikkeling van zonnepanelen dusdanig dat de residentiële markt zich blijft ontwikkelen. Meer en meer mensen zien zonnepanelen in het straatbeeld verschijnen en zonnepanelen worden standaard toegepast bij nieuwbouw. Kortom, er is sprake van autonome groei. Als het rendement omlaaggaat, is het de vraag of de uitrol van zonne-energie nog snel genoeg gaat om de klimaatdoelen te behalen. De markt kan zich echter veel sneller ontwikkelen dan zij nu doet. De huidige situatie is dus geen goede zaak.”

Nieuwe tariefmethodologie

Volgens Vanbecelaere is het nog volledig ongewis welke richting een eventuele uitspraak van het Grondwettelijk Hof op zal gaan. “Dat zorgt voor onzekerheid, want een rechtsgang kan lang duren.” Die onzekerheid wordt aangewakkerd door de ophanden zijnde nieuwe tariefmethodologie. De VREG is sinds 2014 bevoegd voor het vastleggen van de tariefmethodologie en voor het jaarlijks goedkeuren van de distributienettarieven voor elektriciteit en aardgas in Vlaanderen. De tariefmethodologie legt vast hoe de netbeheerders vergoed wordenvoor hun diensten en aangezet worden tot een efficiënte bedrijfsvoering. De tariefmethodologie omvat daarmee de regels, de rapporteringen en de berekeningen die de netbeheerders moeten volgen om te komen tot de distributienettarieven voor elektriciteit en aardgas. De netbeheerders kunnen op hun beurt de distributienettarieven pas aanpassen na de goedkeuring van de VREG.

Een van die distributienettarieven is het prosumententarief dat in Vlaanderen sinds 2015 in rekening wordt gebracht voor eigenaren van een pv-systeem dat kleiner is dan 10 kilowattpiek én waarbij gebruikgemaakt wordt van een terugdraaiende teller. Vanbecelaere: “Omdat de VREG aan een nieuwe tariefmethodologie werkt voor de periode 2021 en verder, is het de vraag of het voor de VREG zinvol is om naar het Grondwettelijk Hof te stappen vanwege het feit dat eigenaren van zonnepanelen nog 15 jaar het voordeel van de terugdraaiende teller kunnen behouden. Een rechtszaak zal maanden duren. Omdat de nieuwe tariefmethodologie dan al van kracht is, is het de vraag of het voor de VREG wel nut heeft om een rechtszaak te starten.”

Bron: Solar Magazine, december 2019

Meer van dit soort nieuws ontvangen?

Schrijf u gratis in op onze nieuwsbrief

Mobiele versie afsluiten